Gedichten

Op veler verzoek hieronder een aantal van mijn gedichten:

Later

Wanneer jij je gebit uit moet
– plastic zoenen doen wij niet –
zal ik doen alsof wij twintig
en stap stap voor stok
denkbeeldig uit mijn slappe vel.

We zullen ruiken naar elkaar.
Twee oude lijven, nat
dat beklijft in elke rimpel.
Wat overblijft is ons
levenslang tot wij versmelten.

Excuses aan de buren volgen
terwijl je lacht en zachtjes
weer jouw oortje aanzet.
Ik zal in bed mijn bril verliezen;
lekker ding, ik kan niet wachten.

(Gepubliceerd in ‘Menage a Deux’.)

 

 

Gebed over canapé

Ze ligt op de bank en dat is al veel.
Bloot is bloot en dit wat ik wil.
Oh God, laat alles blijven rijmen.

Ik twijfel over U, ik twijfel over vrij
maar alle hulp is welkom want zij hoort in mij.
Help onze roze scherven lijmen.

Net zo naakt hier voor Uw aangezicht,
mijn mijn harde op de bank gericht
waar ik eerder overspeelde.

Ik heb haar dit verteld, mijn God.
Geprobeerd mijn schuld te overschreeuwen tot
alles maar weer ritmisch wilde.

Al mijn hypocriet gelul en lust ten spijt
ligt ze daar en lacht met mij en vrijt
in de hoop dat ik oud word met haar.

Ja. Ik weet dat U me zo laat zien
waar het uiteindelijk om gaat, misschien
vergeeft ze en maakt me onverdiend klaar.

Tot in de eeuwigheid. Amen.

(Gepubliceerd in ‘dit harnas van kippenvel’.)

 

 


Voor Kees Alderliesten

Ik heb alweer gestofzuigd, Kees,
en onkruid uitgetrokken,
ben me nuchter geschrokken
toen bleek dat ik sjans had.

Ik heb alweer gelachen, Kees,
en ook weer mogen zoenen,
vlekken uit mijn vloerkleed boenen
omdat poes geen maat kent.

Zit ik net in De Waal, Kees,
waar jij vorige week nog zat,
kom je toch weer op mijn pad
uit handen van Elly.

Het is een mooie rouwkaart, Kees,
verdomd als het waar is,
verdomd als het niet naar is,
verdomme, Kees, de zon schijnt.

(Gepubliceerd in ‘onze nieuwe maat H’.)

 

 


Titelloos

Twee bomen vellen is
ruimschoots onvoldoende
voor mijn zelfbeklag
dat al dan niet wil rijmen.

Een gezonde natuur
in een gezond lichaam
behoeft geen flessen.
Ik drink op elke kurk.

Er is niet voldoende aanwas
alleen al voor de afwas
en waar die voor staat;
meer genegeerde etiketten.

Elke geest is welkom
uit het grote sprookjesbos
dat al ziek en kaal is
sinds ik er in geloof.

Ook deze klacht kost
lang en gelukkig leven,
het is me om het even wie
me daarover doorzaagt.

(Geïnspireerd op de laatste strofe van het vers ‘misverstand’ van Menno Wigman, uit de bundel ‘zwart als kaviaar’, uitgeverij Bert Bakker, 2001.)

 

 

 

From your friendly local drugdealer

Waar je ouders op hoopten
voor jou ben ik niet.
Wel zijn zij ruimer van geesten.

Door een tolerant beleid
ben ik gecertificeerd en al
en jou met groene vingers trouw.

Gezelligheid kent een tijd
maar ik breek als breken moet.
Hij zou niet de eerste zijn.

Wie ons kwaad doet, doe het goed
want ik ben en blijf een boef
al breng ik je het nog zo mooi.

Mijn tooi van toppen staat me
niet en ook mijn vredespijp
ligt al jaren te verstoffen.

Nuchter ben ik, dat kan kloppen.
Ik hoef geen rookgordijn
aan het einde van een acte.

Blijf spelen met me alsjeblieft.
Wij zijn klucht en poëzie.
Ik laat je trouwens toch niet gaan.

(Van 2006 tot 2015 werkte ik als barman en dealer in Koffieshop Het Spiegelbeeld te Vlaardingen.)

 

Onderstaanden werden gepubliceerd in ‘met man en muizenis’:

image

532650_2599717447669_224793885_n

 

nov14

 

image