Dat ik het donderen doe

 

Dat ik

het donderen doe

 

 

 

gedichten

van

Benne van der Velde

2018

 

 Voorwoord van de dichter:

Als het jullie belieft. Een nieuwe bundeling van al dan niet eerder los gepubliceerde gedichten. Mijn zesde alweer. Deze publiceer ik als verzameling exclusief hier op mijn site. Want waarom eigenlijk ook niet.
Lieve lezers, jullie gaan van deze verzameling niet vrolijker worden. Sorry. Ik hoop wel dat jullie er blij mee zijn. Het is, al typ ik het zelf, verreweg mijn meest coherente verzameling verzen tot nu toe. Bedankt voor het lezen van ‘dat ik het donderen doe’!

Met dank aan mijn vrouw, vrienden en familie.

 

 

*

 

 

Voor een devote fan

 

Wie krampachtig vasthoudt

aan even wie dan ook

die even opluistert,

de gordijnen openkiert

achter dikke huilspiegelramen

maakt een vuist vol liefde

en met je vuisten aai je niet.

 

Het maakt geen drol uit

wat ik niet zeg,

ik ben een contour

tegen verblindende golven

die van binnenuit

door alle vuil naar buiten

gedeeld en geschroeid moeten.

 

Ik ben verhalen zonder mij,

mail na mail na schreeuw

die ik al lang niet lees.

Erbarme Dich, mein Gott

want ik ben klaar.

Ik ben niet je glazenwasser.

Ik ben niet eens erg aardig.

 

 

*

 

 

Jong geleerd

 

Dat de wereld groter is

dan de regels thuis

leerde ik op onze galerij.

Een beetje brutaal joch

had er zo een heitje

per karwijtje bij gelogen.

 

Dat daar wat meer hing

dan bij mijn buurmeisje

was een klein wonder.

Voor de zekerheid

speelde ik doktertje

met zowat de hele flat.

 

Dat winkelmedewerkers

het wel best vonden

en niet heel hard renden

voor snoep en knikkers

was mooi meegenomen

zonder te betalen.

 

Dat eerlijkheid kort duurt

voor praatjesmakers

en huisdieren sterven

aan te weinig aandacht

kostte wat knaagdieren

en kaal gekloven tralies

 

voor dat vel ruim zat.

Ik wil nog steeds geloven

in langdurig bidden

maar wat nou als deze

verwonderde zondaar

zijn midden wél vindt?

 

 

*

 

 

Achterlijke letters laat ik u hier kijken.

Gelooft u mij? U heeft ook nooit eens

iets te zeiken. Hyena. Lachebek.

 

U geeft een hand, ik treed met zeven voeten

en ruil voor alles tussen kop en kont.

Ik heb wat u niet hoeft. In overvloed.

 

Neemt u toch deze dichter als ontbijt.

Hij staat ervoor. En heeft u dorst, ik geef

de oplossing voor uw montere gegrijns.

 

Geen van de namen van de wartaalsprekers

leven – als het iets te lang duurt – voort.

 

 

*

 

 

Het is niet wat ik verzwijg.

De zakken ribbelchips,

gewiste browsergeschiedenissen,

dit vers en anderen

die haar te dichtbij komen

is poëzie zonder kloten.

 

Het is waar ik aan voorbij wil:

hier, nu, mijn luide lijf

dat niet ophoudt met zeuren.

Ik wil kleuren en stilte

die na exces voor even

me een wereld teruggeven.

 

Het is zo nooit voldoende

want scheuren zijn fel

en fluisteren hel verlicht.

Uit het zicht misstaat niets

en ik praat wat graag

over salades en hardlopen.

 

 

*

 

 

Wat milde ironie plus vleug

verwondering zou mooi zijn.

Wat ik aanbied, stinkt en wint

aan bijgeloof na elke teug.

 

Iets goedkopers heb ik niet.

Ik zou betalen voor uw lof,

al is het lijzijg dan en dun

en zie ik kaler dan u ziet.

 

Aan engagement voorbij

gegroeid als uw applaus

dat even grijs en mager werd

naarmate ik me minder zei

 

tot alleen de bochten blijven.

De wijze waarop deze junk

shot na shots met klanken draait

en zelfs dat niet ziet beklijven.

 

Eén deel van mij die lacht

en maakt mij haast uitstaanbaar,

pelt mijn lagen maskers af,

kust dit monster zonder vacht.

 

Dit is mijn zesde huid en haar

en ook deze lust zij niet,

doorziet mijn afgod en aait onze

geluidloze twee-eenheid waar.

 

 

*

 

 

Be careful what you wish for

 

De Wintertuin vraagt u en mij

om ouderwetsch pamfletgekwetsch,

raak aan de kaak te stellen met

onvrijblijvendheid hoog in het vaan.
Zulk een pamflet vereist een schurk

en hen die zich aan schurken schurken.

Mijn plurk der plurken in het puin

van wanbeleid: De Wintertuin!

 

Omdat ik poetryslam na slam besloot

dat ik geen rem had, won ik ook

en de gunst van Koning Frank

tot ik het lef had om te klagen.

 

Ik durfde om mijn geld te vragen

na zes maanden netjes wachten.

Ok, ik ben dan niet meer van het zachte

maar ook nooit weer gevraagd als dank.

 

De grote namen komen graag

en ik snap het gegeven goed

dat je ook komt als je bedelen moet.

Je zult er maar van moeten leven.

 

Het was toen algemeen bekend

dat je met een kleine naam

en talent wel faam kon maken

zolang je slamde in de pas.

 

Het verbaasde mij daarom ook niet

dat de slam werd afgestoten

toen zich teveel mensen roerden.

Koning Frank had niets met kloten.

 

En was het dat, dan was dat het

maar natuurlijk is er meer!

Ik denk specifiek aan één meneer:

de eerste stadsdichter van Nijmegen.

 

De Wintertuin kreeg van de stad

geld en een mooie opdracht mee:

organiseer dat voor ons alsjeblieft,

er dient een dichter aangesteld.

 

En of het nou gemakzucht was

of eerlijk waar niet goed voorzien,

het publiek koos hoe het doet

en ging en masse voor meneer Hilte.

 

God, wat werd de wereld klein.

Hoe durfde hij! Een amateur!

Een keur aan Echte Poëten

ging er eens fijn voor zitten.

 

Off- en online ging het door,

zo’n makkelijk en kwetsbaar doel

daar dien je als verantwoordelijke

vierkant achter te gaan staan.

 

Waar een wil is, is een galg

en ze hingen meneer Hilte op.

Bij De wintertuin bleef het stil.

Daar kots ik nog van, nee, ik walg.

 

 

 

 

 

Jan Hanlo’s chronisch depressieve koe: kloote kloote boe. Kloote kloote boe. Kloote kloote kloote kloote kloote kloote bloote koe.

 

 

*

 

 

Noblesse Oblige

 

Een treurige prins me hol.

Laat me niet huilen, Jotie,

dat verdien je niet.

 

Ik wil niet zien waarom

je zo verdomde lelijk deed

of zeggen kon wat wij niet zeggen.

 

Waarom werd je nooit volwassen!

Al was het alleen maar

omdat wij dat ook moesten.

 

Ik houd van je talent

en haat je om dezelfde reden,

om wat je verdomde te zeggen.

 

Vader, kutjunk, geniaal,

stilstaan, knallen, geniaal,

geniaal, ja, nou weten we het wel.

 

Dood is dood, dode Jotie

en ik haat je om de tranen

die je verzen uit me slaan.

 

 

*

 

 

Ja en amen verdulleme

 

Toen mijn opa dement werd,

werd het de lieve schat

die hij bij welzijn verstopt had.

 

Ik buig voor wie mij kennen wil,

doe veel voor erkenning

en alles na een beetje aandacht.

 

U bent goed voor een glimlach

terwijl zij mijn hart vasthoudt

want ik koester geen illusies.

 

Wee de zuster en de non

voor de rente op mijn knikken

die zij nog slikken zullen.

 

Toen mijn opa dement werd,

werd het de lieve schat

waar ik mij nu achter verberg.

 

 

*

 

 

From your friendly local drugdealer

 

Waar je ouders op hoopten

voor jou ben ik niet.

Wel zijn zij ruimer van geesten.

Door een tolerant beleid

ben ik gecertificeerd en al

en jou met groene vingers trouw.

Gezelligheid kent een tijd

maar ik breek als breken moet.

Hij zou niet de eerste zijn.

Wie ons kwaad doet, doe het goed

want ik ben en blijf een boef

al breng ik je het nog zo mooi.

Mijn tooi van toppen staat me

niet en ook mijn vredespijp

ligt al jaren te verstoffen.

Nuchter ben ik, dat kan kloppen.

Ik hoef geen rookgordijn

aan het einde van een acte.

Blijf spelen met me alsjeblieft.

Wij zijn klucht en poëzie.

Ik laat je trouwens toch niet gaan.

 

 

*

 

 

Proost

 

Voor mijn liefie blijf ik groter

als we krimpen van verdriet,

voor mijn ouders nu ze slijten,

maar voor jou kan ik dit niet.

 

Ik noem een ieder bij hun namen,

buig voor wie mij kennen wil.

Ik breek omdat mijn lief en ik

niet verder dan jou noemen, kwamen.

 

Blauw voor haar en waarom niet

voor hem roze, het is wennen.

Ik zou er elke tint voor geven.

Jij zult nooit jouw kleur bekennen.

 

Wat overbleef zijn mijn gebeden.

Jij kwam er elke maand in voor.

Ik vroeg de arts wie nog te bidden

sinds ik ook dit geloof verloor.

 

We hebben nu een kat, een poes

en doen wat we niet willen laten!

Soms expres een fles teveel

om over jou te kunnen praten.

 

 

 

 

Missen is het woord niet

 

Ik ben niet goed in vrienden.

De tijd vliegt nu

en ik draai kleine cirkels

om wie mij nog dag na dag

met liefde wil zien uitdijen.

 

Deze dichter danst niet

meer dan andere veertigers

die ook niet dansen

omdat dat niet meer rijmt

met dronken en uitgaan.

 

Ik vriendin evenminder,

voor mijn vrouw,

voor trouw en lieve vrede.

Om het even wie

is die hoofdpijn echt niet waard.

 

Beesten dat het een aard heeft

om de roedel en de geuren

van zweet en bloed

tot ik de Playstation uitzet

omdat het eten op tafel staat.

 

Ze zien huilen hoef ik niet

want wie niet weg is

wordt maar zelden gezien.

Ik ben geen goede vriend

en dat komt met de jaren.

 

 

 

 

Van gaan lijken op mijn ouwe

of ik dat nou wou of niet

naar vergeten wat er voor kwam

is gebeurd voor ik het wist.

 

Ook ik ben ongewoon gebleven.

Sociaal als hij maar dan

met mooie volzinnen

waar hij zinvol rijmt met geven.

 

Prettig oppervlakkig ligt me

beter dan zijn zinnig diep.

Onze kleigrond raakt

aan luidruchtige wateren.

 

Ik let op hoe en ben jaloers

op wat hij wel leerde:

geen woord te weinig

en ieders is hem even heilig.

 

We hebben een boodschap

en gaan voor gehoor.

Ik kom ook zeker weten voor

in meer van zijn gebeden.

 

 

 

 

 Ik sta niet lang meer stil

en lach mijn mond vol.

Mager en gehaast

houd ik het bij strepen.

Langzaam word ik lelijk.

 

Wie trouweloos van aard

als ik adem geeft

met als enig verschil vlees

wordt meer dan terecht

ouderschap ontnomen.

 

Ik ren vol voornemens

verder van me af

dan is bij te houden

door allerbeste wensen

en jullie die nog willen.

 

Wat onnodig mooi is,

wat als dit vers is,

is dat desondanks

ego en mijn haastig spoeden.

Gelukkig is niemand perfect.

 

 

*

 

 

“Poëzie. ‘t is maar aanstellerij. Dat hoor je vaak. Maar dan, wat is een mens zonder aanstellerij? Een dooie wandelstok, en geen toverhazelaar.”

-Gerrit Komrij-

 

Ik ben zo’n tovenaarsleerling

die uit de oude ordes vlucht

en bij elke makkelijke exit

in paniek om zijn gaven

zonder oogkleppen struikelt

over de staf van een meester.

 

En dan vind je er zo één

in zijn geheel na stukken.

Met grote focus op kracht

gaat verantwoordelijkheid

als je te oud of slim heet

om nog te mogen dromen.

 

Ik mis de luxe van excuses

en de wil om te bezweren

wat niet naar mijn zin is.

Waar die wil is, is een spreuk

maar we zullen jullie jeuken;

mijn mooie toverhazelaar en ik.

 

 

*

 

 

Ik lach op elke foto die je ziet.

Wat ik het web in slinger

mag daar blijven ademen

na als het u belieft een like.

 

Voor minder doe ik niets

meer dan me blaren duimen.

Kijk eens hoe ik jou leuk vind!

Nu moet je ook bij mij,

 

jij, met lachende vrienden,

met zo gemakkelijk zeven

waar mijn tijdlijn steeds even

maar teken van leven geeft.

 

Ik bijt me weer de keel af

met dit stralende gebit.

Zonder genoeg likes

kan je net zo goed blijven leven.

 

 

*

 

 

Van uw schoonkleinzoon

 

Mijn vrouw vraagt om een vers

over u om op te hangen

ergens tussen traan en traan

en een nog niet gekozen foto.

 

U, die zich enkel vangen liet

door de jager van uw keuze

past straks met moeite in een lijst.

Met verdriet wil u niet rijmen.

 

Ik kan niet lijmen wat u brak,

ook al bent u nooit gebroken

en ging u zoals u wou gaan.

Ons rest halve hartenkreten.

 

Van zoenen wilde u niet weten.

Toch hoorde ik er voor u bij

omdat ik uw kleindochter laat lachen.

Lieve oma, slaapt u zacht.

 

 

 

*

 

 

Waarom was het leuk tunnelen

door een baggerberg kopij

naar die zeldzame vondst

die een uitbarsting

om de maand rechtvaardigde?

 

Waren het de mederedacteuren

die vrienden werden

en nu weer vrienden waren

omdat we verwaaien

zonder onze aswolksignalen…

 

Was IK toen gewoon leuker?

Was het het Rotterdam

van toen het van ons was,

van toen wij manisch vulkanisch

of letterlevend knaperdaap waren.

 

Toen ook deze rook

om mijn hoofd was verdwenen

en ik op- en neergroeide,

stond ik niet meer stil.

Alles ging opeens voorbij.

 

Alles gaat nog steeds voorbij.

Het is goed zo me hol,

waarom leg ik anders vast

waar ik weer vol van raak.

Oh wij, dundoende smaakmakers.

 

 

*

 

 

Wie schrijft zoals ik, blijft

verdomme schrijven

tot alles wat ik wil zijn

in schoonschrift is geschreven.

 

Wie blijft zoals ik, voorziet

wat buiten alle lijnen

en zonder morgen is

van meer ochtendgloren.

 

Wie schijnt zoals ik schijn,

verblindt wat waar was,

vertroebelt wat klaar was

met hier en daar een komma.

 

Ik smaak naar praatjes,

naar elke zoute huid

en elk denkbaar kruid

dat nooit werd verschoten.

 

 

*

 

 

Het grijnzen staat me

nader dan het huilen

om wat ik overal

maar van moet vinden

en wel nu meteen,

maar ik ben te moe.

Er kan geen streep af.

 

Op alle schermen zijn,

in elke een en nul

even vol bestaan,

holt mijn ademen uit

tot een hikken

die voor wie doof blijft

voor lachen doorgaat.

 

Ik voel me te weinig om

weinig tekort gedaan,

om veel helemaal niet.

Wat blijft is niets

minder of meerdere

dan dit spelletje

dat ik nooit kan winnen.

 

 

*

 

 

Ik begon als onbeschreven

blad happy hour-bier,

op mijn zeventiende

dronken aan de Club 2000

of Random Runner

want verslaafd zijn is niets

zonder jeugd om te verliezen.

 

Van een strakke, jonge halfgod

Met voldoende cocaïne

voor in bed en op elk podium

(wat evenveel vraagt

als je wel presteren moet)

naar weer zo aardig mogelijk

wanneer we zonder zaten.

 

Deze dapperdape Ken in spe

ving opnieuw openlijk bot

aan een barbievillevijver

met voorgepiercete vis

die ondertussen wel beter wist.

Zij was een Moeder en gaf

niet om mijn rookgordijnen.

 

Ik hou van al mijn monsters.

Ook die uit het zicht

groeien mee met uw applaus

tot wat in woorden mag

en zo steeds minder daden.

Al was het alleen maar

omdat ik nu naar daglicht buig.

 

 

 

 

Er is tegen alles wel een pil.

Waar ik om bid is er één

voor alle waar zij zich dagelijks

bij neer heeft te leggen.

 

‘Waarom ben ik stuk?’

Vier woorden om van te breken,

maar ik ben haar rots

en verdomd als ik splijt.

 

Niet klagen maar dragen

en vragen om kracht.

Soms heb ik onzettende zin

om alles van me af te smijten.

 

We slikken en bidden in stilte

en hier want hier blijft

als zij mij dit vers vergeeft

en wanneer wij zijn vergeten.

 

 

*

 

 

Keeping up

 

Een veganistisch kinderkookboek

met tovenaars en heksen

of een intiem portret

van mij en mijn demente moeder.

 

Een filmpje voor 1400 vrienden

die in 1 klik te zien is

en in dezelfde leuk te vinden

want ik vraag niet graag teveel.

 

Binge-watching, browser cleaner,

hashtag, swipe, glutenvrij

en soms 20 km in de polder

om rustig een potje te janken.

 

Zolang er wat te lachen valt

een goed onderhouden gebit

maar wanneer het ons vergaat

van oor tot oor nog smettelozer.

 

 

*

 

 

Niets te danken

 

Ik vouw geregeld lijmplaten

dicht als het nog piept,

sla er met mijn zaklamp op

en zo verlossend harses in.

Misschien rijmt dat niet

maar went na honderd klappen

en u mag makkelijk lullen.

 

Stront op vieze, plastic stoelen,

herrie fladdert af en aan

naar jong leven in een nest

op het balkon van nr. 7.

Misschien is dit poëzie

zonder milde ironie of mist

maar ik heb nekjes te breken.

 

Het duurt zo’n 20 liter gif

en wat een thuis was

maar nu een junkenhol

door voordat alles dood is.

Misschien mis ik de scéne,

met zulke grote ratten

valt er altijd iets te bestrijden.

 

 

*

 

 

Slamles

 

Luister naar me alsjeblieft?

ik geef het toe ik ben een dief

die brief…

was niet voor mij ben je blij nou?

en als ik heel veel spijt belijd

pleit dat me dan vrij nou

schrap je het uit de rij nou?

snap het ging alleen om jou!

God weet ik was het niet van plan

jij raakt me waar je raken kan

een klinkende K.O.

noem me onoprecht

maar maakt me dat zo slecht dan

liegen ligt me niet

jij weet ik kan er niets van

luister naar me alsjeblieft?

ik geef het toe ik ben een dief

die brief…

die was voor HEM

ik heb geen rem nou

vooral nu jij geen spijt belijd

weet ik ik ben je kwijt nou

schrap je me uit je hart nou?

snap je wat je doen zou?!?

God weet ik was het niet van plan

jij raakt me waar je raken kan

een bloedige K.O.

noem me onoprecht

maar maakt me dat zo slecht dan?

overvloedig deed ik jou verdriet

en ja DAAR ben ik ziek van

 

Luister naar me dat jij niets zegt

maakt krom van pijn niet rechter

of onecht echter

jij moet zonodig rechter zijn

met een jury even kort van stof

met angst en beven voor jouw hof

de rechtvaardige met stilte beslechter

wij doen in kilte nu

waren er ooit hechter?

furie is wat rest

zilt residu uit ons verlaten nest

weet je wat de pest is

dat ieder nu mag vinden wat voor jou het best is

weg met die vechter

natuurlijk sloeg ik door

toen sloeg ik jou ja

maar wel na een douw van jou ja

Ha!

laat dat maar over aan een vrouw ja

die zullen nooit als eerste slaan

die trappen na

en jij met ontrouw

natuurlijk praat ik het niet goed

ik zou niet weten hoe dat moet

er is niets moois aan hoe dat gaat

hoe dicht de haat bij de liefde staat

maar dat ik het ben

die ieder kent nu als de kwade

ik voel me verraden

jij weet heel goed hoeveel ik van je hou

 

Luister naar me alsjeblieft?!?

alsjeblieft luister dief!

fluister niet dat ik zo schreeuw

de grap van de fockin’ eeuw

en ik mag hem niet delen?

het kan me niet meer schelen

oh sorry lief dat ik je grief

hoer WAT is je uurtatief!

deze lompe boer draait door

je komt tot HIER dus ga ervoor

zorg maar dat ik stik

ik vertik het om te zwemmen

ik vertik het af te remmen

al verslik ik me

verzuur en verhik ik me

de woede die ik voel is met geen rede meer te temmen!

… Luister naar me

ik smeek je

ik breek je wil in twee

en dan wreek ik je

na ons zal er niet veel zijn

na ons zal het weer stil zijn

geen pijn geen vennijn

en geen schijn meer zijn

luister naar me

voor de allerlaatste keer?

ik geef het toe

zonder jou doet alles zeer

BEN ik deze grote muil

houd me noodgedwongen schuil

want ik word GEK zonder jou

 

en jij zegt niets meer

 

 

*

 

 

Mijn pyjama kan eindelijk uit

en ramen vaker open

al moet de hor dan dicht.

De hele wereld is weer geil

of op zoek naar bloed

en ik ben zo ontzettend moe.

 

Ik sluit mijn beide ogen toe.

Het is blauw en uit de fles,

bitch met een grote K.,

geloven zonder veel vouwen.

Wat u verder ook steelt,

Heere, houdt ook deze nacht?

 

Ik wacht bij hoge hekken

en graas wat damwanden af

voor om het even welke

andere kleptomane Herder

in ons platte, vlakste land

van een ondergaande zon.

 

 

*

 

 

In een vitrine bij Madame Tussauds

liggen neuzen van Fortuijn kado

uit een tijd van voor linkse kogels.

 

Ik zag Hans Janmaat op zijn fiets

en er gebeurde helemaal niets

tot van Gogh van de zijne werd gestoken.

 

Een pinda met geblondeerd haar

dat vindt tante Lien maar raar

en zij vond Chico Lama een viespeuk.

 

Kijk mijn klik-engagement en mij

alleen voor flauwe bochten in de rij.

Het wordt weer tijd om te leren blaffen.

 

 

*

 

 

Democratie in het Westland

 

Acasia, Achillea, Aconitum, Afrikaanse lelie, Afrikaantje, Agapanthus, Ageratum, Ajania, Alchemilla, Allium, Alstroemeria, Amendel/Sierkes, Amaranthus, Amaryllis, Amazonelelie, Ammi, Anemone, Anemoon, Anethum, Anigozathos, Anjer, Anthurium, Anthurium Blad, Antirrhinum, Aquelegia, Arachniodes, Artemisa, Asclepias, Aspagarus, Aspidistra, Aster, Astilbe, Astrantia, Azalea, Banksia, Bergthee, Blauw druifje, Borstelveergras, Bouvardia, Braam, Brassica, Brem, Brodiaea, Brunia, Bupleurum, Buxus, Calendula, Calla, Callistephus, Campanula, Carthamus, Celosia, Centaurea, Cestrum, Chamaecyparis, Chamelaucium, Chelone, Chenopodium, Chinees riet, Chinese aster, Chinese roos, Chrysanthenum, Cirsium, Coniferen, Convallaria, Cornus, Corylus, Cosmos, Cotinus, Craspedia, Crocosmia, Cucurbita, Curcuma, Cymbidium, Cynara, Cypergras, Cyperus, Cytisus, Dahlia, Dauctus, Delphinium, Den, Dendranthema, Dendrobium, Dianthus, Dianthus barbatus, Dille, Dille-geel, Druifheide, Duifkruid, Duizendblad, Duizendschoon, Dwerg cyprus, Echinacea, Echinops, Eik, Eremurus, Eryngium, Eucalyptus, Eucharis, Euonymus, Eupatorium, Euphorbia, Eutoma, Fatsia, Flamingobloem, Forsythia, Freesia, Frittilaria, Gatenplant, Gaulteria, Gederse roos/sneeuwbal, Genista, Gentiana, Gerbera, Gierst, Gipskruid, Gladiolus, Gladiool, Gloriosa, Godetia, Gomboom, Gomphrena, Gossypium, Goudscherm, Guldenroede, Gypsophila, Halskruid, Hartlelie, Hazelaar, Hedera, Helenium, Helianthus, Heliconia, Helleborus, Hertshool, Hibiscus, Hippeastrum, Hortensia, Hosta, Hulst, Hyacint, Hyacinthus, Hydrangea, Hypericum, Ilex, Incalelie, Iris, Ixia, Juffertje in ’t groen, Kangaroepootje, Kardinaalsmuts, Katoen, Kattestaart, Kerstroos, Klaproos, Klimmende liefde, Klimop, Klopje, Klokken van ierland, Kniphofia, Kogelamarant, Kogeldistel, Koninginnekruid, Korenbloem, Kornoelje, Lampionplant, Lathyrus, Lavatera, Ledervaren, Leeuwebek, Lelie, Lelietje van dalen, Leucadendron, Leucanthenum, Leucothoe, Leycesteria, Liatris, Liguster, Ligustrum, Lilium, Limonium, Lisianthus, Luchtklokje, Lyimavhia, Mahonia, Mahoniestruik, Morjolein, Matthiola, Mentha, Mimosa, Micanthus, Molucella, Monarda, Monnikskap, Monstera, Montbretia, Muisdoorn, Muscari, Myrica, Myrthe, Myrtus, Naald van cleopatra, Naaldaar, Narcis, Narcissus, Nectaroscordium, Pennissetum, Pepermunt, Phalaenopsis, Philodendron, Phlax, Photinia, Physalis, Physostegia, Pinus, Pioen, Pistacia, Pittosporum, Platycodon, Pronkerwt, Protea, Pruikeboom, Prunus, Quercus, Ranonkel, Ranunculus, Rhodondendron, Ridderspoor, Roos, Rosa, Rozebottel, Rubus, Rubeckia, Ruscus, Safflour, Salix, Saponeria, Scabiosa, Scharnierbloem, Schildpadbloem, Scilla, Sedum, Sering, Setaria, Sierui, Skimmia, Sneeuwbes, Solidago, Solidaster, Spierstruik, Spiraea, Spirea, Statice, Strelitzia, Symporicarpos, Syringa, Tagetes, Tanacetum, Teunisbloem, Trachelium, Triteria, Tritcum, Trellius, Trilipa, Tulp, Vanda, Vederdistel, Veronica, Viburnum, Vingerplant, Violies, Vlambloem, Vogelmelk, Wasbloem, Wakgagel, Wederik, Welgelia, Wilg, Wolfsmelk, Xanadu, Zantedeschia, Zea, Zijdenbloem, Zilverdistel, Zinnia, Zomer azalea, Zonnebloem.

 

En dan nu de potplanten:

 

 

 

 

Misschien is het de slaag

die ik nooit kreeg

of die luisterende oren

en aanhoudende stiltes

na stormen die niet woedden.

 

Mijn ouders deden hun best

dus tot zover de roman.

Er komen verzen van

die ik niet kan plaatsen,

plaatsen die me niet passen.

 

Misschien is het de lucht,

rennen om het rennen

en buiten adem raken

omdat er iets was

om nooit voor te vluchten.

 

 

*

 

 

Schanddicht

 

Je broek laten zakken

is één ding.

Mijn onzaligheid en ziel

blijken goedkoper

dan mijn kont ooit was.

Ik voel me nu viezer.

 

Leuren met je leuter

is precies dat.

Ik bied mezelf aan

met bonusklankkleuren

inclusief groepskorting;

kost een compliment.

 

Ik deed veel voor geld

en nog steeds alles

na een beetje aandacht,

met ontboezemingen

in de uitverkoop

voor een goede recensie.

 

 

*

 

 

Waar ik bang voor ben is dat

ik in de spiegel kijk en dan

alleen mijn ogen nog herken

van wat er voor mij doorgaan kan.

 

Dat vreemde raven ook bij mij

komen spoken aan de deur

en ik een voorkeur voor hen heb

boven mijn verloren dromen

 

tot ik nog die raven hoor

wanneer mijn stem vergeten is

en wat ik niet wilde weten;

hoe het heet wat ik nu mis.

 

Spot en spoken voeden kraaien

die me naar de ogen krijsen.

Ik heb geen weemoed te bewijzen

of zin in waar ik aan begin

 

dus laaf ik mij aan elke raaf

die nu al met mij huilen wil.

Alles beter dan de stilte

in voor mijn eigen ogen schuilen.

 

 

*

 

 

Stank en dank

 

Als je niets te doen hebt,

doe dat dan niet hier?

Ik ergerde me daar dood aan.

 

Er wacht je geen dank,

wel bakkies troosteloos

en de stank van alleen.

 

En toch sta jij daar.

Ook gewoon naar of kinderloos

verdienen jouw zegje.

 

Ik moest je niet en nu

ik niets meer hoef,

ben jij de eerste de enige.

 

In de aula is het stil.

Al dit niks doe je voor mij.

Wat ik wilde is vergeten.

 

 

*

 

 

Een positieve noot

 

Een land vol meningen,

de verwondering moe

en geil op extremen

die ik hier niet bezing.

 

Ons web vol excessen

en lessen die ik mis

is al met al een handvol

dingen die niet donderen.

 

Dat ik het donderen doe

is betrokkenheid noch schat.

Een rake vondst is niets

zonder kluis om te kraken.

 

Het heeft iets van hoop,

als een zinvolle droom.

Waar ik aan begin, gedijt

zolang ik vals mag zingen.

 

 

 

 

Verantwoording:

‘Voor een devote fan’ werd door de dichter voorgedragen tijdens het programma Vraag het de bieb op Radio Rijnmond en vervolgens gepubliceerd op www.geenpoeha.nl

 ‘Achterlijke letters laat ik u…’ werd geschreven in opdracht van het radioprogramma De Avonden op radio 6, als antwoord op een vers van de dichter Chretien Breukers, die weer op een andere dichter reageerde, enzovoorts.

‘Het is niet wat ik verzwijg.’, ‘Mijn pyjama kan eindelijk uit…’ en ‘Misschien is het de slaag…’ werden gepubliceerd op www.rotterdamsedichters.nl

 ‘Be careful what you wish for’ werd gepubliceerd in de Hekeldichtbloemlezing ‘ik proef iets wat bedorven is’, uitgeverij Passage, 2016. Dit na een inzenden ervan voor deelname aan een pamfletpoëziewedstrijd van literair productiehuis De Wintertuin in 2014

‘Jan Hanlo’s chronisch depressieve koe:’ Een eerdere versie van dit gedicht was een weekwinnaar van de Lowlands-schrijfwedstrijd in 2003 en werd in diezelfde vorm (voorzien van beeld door Onno maat) gepubliceerd in de bundel ‘Met man en muizenis’ bij uitgeverij Stanza in 2015.

‘Noblesse oblige’ was een inzending voor de Jotie ’t Hooft-poezieprijs, editie 2014. Mr. ’t Hooft werd ook wel ‘de treurige prins’ genoemd. Het werd gepubliceerd op www.hekelvers.nl

‘From your friendly local drugdealer’ Van 2006 tot en met 2015 werkte de dichter als barman en softdrugdealer in Coffeeshop Het Spiegelbeeld te Vlaardingen.

‘Proost’, ‘Missen is het woord niet’ en ‘Ik ben zo een tovenaarsleerling…’ werden gepubliceerd in cultureel webtijdschrift Barbarus.

‘Van gaan lijken op mijn ouwe…’ werd gepubliceerd in nr. 7 van het online periodiek Pretpark Poëzie. Redactie Ted van Lieshout.

‘Waarom was het leuk tunnelen…’ Een eerdere versie van dit gedicht werd gepubliceerd in de laatste papieren editie van poëzietijdschrift Krakatau. Tijdschrift tegen alles, omdat niets beter was.

‘Ik begon als onbeschreven…’ Een eerdere versie van dit gedicht werd voorzien van muziek door Peter De Groot en als zodanig gepubliceerd op poëziewebsite De Contrabas.

‘Niets te danken’ Ten tijde van het ontstaan van dit vers werkte de dichter als ongediertebestrijder. Hij heeft de poëziescene de afgelopen paar jaar links laten liggen.

‘Slamles’ Een eerdere versie van deze tekst is een track op de Nederlandse rap-EP ‘Met Hart en Piel’ (met beats van K-LION) die de dichter uitbracht onder de naam Drs. B. Hij won er als rapper DichtslampRap editie 2012 mee en ontving bij de NK-Slam 2013 na een a-capella voordracht de meeste publieksstemmen tot dan toe ooit.

‘Keeping up’ en ‘In een vitrine bij Madam Tussauds…’ werden gepubliceerd in de menukrant van eetcafé De Waal in Vlaardingen, waar de dichter vaste schrijver voor is.

‘Democratie in het Westland’ Een eerdere versie van dit vers werd gepubliceerd in Sletmagazine, het studentenblad van de TU Eindhoven. De dichter werkte jaren af en aan als vakcontroleur snijbloemen bij de bloemenveiling te Naaldwijk.

‘Waar ik bang voor ben…’ wordt opgenomen in de bloemlezing The Raven – Louter duisternis/Darkness there and nothing more. Edgar Allen Poe e.a. Stichting Spleen. 2019

‘Stank en dank’ ontstond met dank aan de dichter F. Starik, die eenzame uitvaarten en dichters die deze met een vers wilden opluisteren bij elkaar bracht.